Skip to content
ZEGNOOITNOOIT. / VERHALEN EEN ANDER PERSPECTIEF.
VERHALEN DIE SCHUREN

KORT LONTJE, LANG VERHAAL.

‘Joos is boos.’ De buitenwereld had er al een naam voor voordat ik zelf begreep wat er speelde. Over een kort lontje, twee bijna fatale ongelukken en de lange weg van jezelf onder controle houden naar jezelf leren begrijpen.

LEES HET VERHAAL

De buitenwereld noemde het karakter. Ik begon me af te vragen waar het vandaan kwam.

Ik heb jarenlang geprobeerd mijn korte lontje onder controle te krijgen.

Met wisselend succes.

Of beter gezegd: niet.

Ik wist prima dát ik snel geïrriteerd kon raken. Alleen niet waarom. Dus deed ik wat mensen doorgaans doen wanneer ze hun eigen gebruiksaanwijzing nog niet hebben gevonden: harder proberen hetzelfde gedrag niet meer te vertonen.

Rustig blijven. Tot tien tellen. Relativeren. Inhouden.

Nog een keer inhouden.

En dan alsnog:

BOEM.

Niet bepaald het soort boem waarmee je later een instituut voor persoonlijke ontwikkeling denkt te beginnen.

Joos is boos

Mijn puberteit was geen reclamecampagne voor Dove Men+Care.

Vroeg kaal. Vroeg grijs. Acne. Middelen die mijn huid weinig goed deden. Jarenlang een ontstoken gezicht.

Alsof de natuur dacht: we zijn nu toch bezig, laten we het pakket meteen compleet maken.

Daar kwam mijn gezichtsuitdrukking nog bij. Die werd regelmatig geïnterpreteerd als boos.

En zo ontstond:

JOOS IS BOOS.

Lekker.

Precies wat je nodig hebt wanneer je als puber al niet overloopt van het zelfvertrouwen. Je hoeft je onzekerheid niet eens meer te formuleren. De buitenwereld heeft er alvast een slogan voor gemaakt.

Een eigen mening. Dat stond niet in de vacature.

Dat korte lontje verhuisde gezellig mee naar mijn eerste werkervaringen.

Daar ontdekte ik dat ik nog een hinderlijke eigenschap bezat: een eigen mening.

En erger nog:

ik sprak die uit.

Organisaties zoeken graag mensen die initiatief tonen, kritisch nadenken en zichzelf durven uitspreken.

Totdat er iemand binnenkomt die initiatief toont, kritisch nadenkt en zichzelf uitspreekt.

Dan blijkt ‘een open cultuur’ ineens toch kleine lettertjes te bevatten.

Tegelijk is een eigen mening hebben natuurlijk geen garantie dat je die ook handig brengt. Gelijk hebben en gehoord worden zijn twee verschillende vaardigheden. Met voldoende volume kun je die tweede uitstekend saboteren.

Uiteindelijk kwam ik bij een buitengewoon therapeutische gedachte:

Dikke vinger. Zoek het effe zelf uit. Joosje begint voor zichzelf.

Zelf keuzes maken. Zelf verantwoordelijkheid dragen. Geen manager meer nodig hebben om mij uit te leggen wat ik vooral niet hardop mocht zeggen.

Dat bracht me dichter bij mezelf.

Mijn rugzak was er nog steeds.

Alleen kon ik hem niet meer bij de directiekamer neerzetten.

Toen kwam de klap

Met de auto.

Bijna fataal.

Achteraf kun je daar allerlei verheven woorden op plakken.

Wake-upcall. Keerpunt. Het universum dat ingreep.

Doe maar niet.

Ik reed mezelf gewoon bijna dood.

Het zette wel iets in beweging. Ik begon met persoonlijke ontwikkeling. En daarmee aan een periode waarvan ik eerder waarschijnlijk ieder onderdeel belachelijk had gemaakt.

Als iemand mij jaren daarvoor had verteld dat ik vrijwillig tussen de paarden gecoacht zou worden, had ik vermoedelijk gevraagd of dat paard tenminste een erkend diploma had.

En toch stond ik er.

Vrijwillig.

Het irritantste was: het deed iets met me.

Dat bleek een terugkerend verschijnsel. Ik begon ergens aan omdat ik één ding wilde begrijpen en zat enige tijd later op een meditatiekussen, volgde opleidingen en onderzocht familiepatronen waarvan ik eerder nauwelijks weet had.

Je komt voor je korte lontje. Blijkt er nog een complete installatie achter te zitten.

Gevonden. Dacht ik.

Aan de ene kant was er enthousiasme.

Eindelijk begon ik meer te begrijpen van mijn reacties. Van ervaringen, overtuigingen en patronen die daarin meespeelden.

Aan de andere kant zag ik hoeveel er nog lag.

Persoonlijke ontwikkeling klinkt heerlijk in een weekendfolder.

Ontdek je ware zelf. Doorbreek je patronen. Leef vanuit vrijheid.

Ja hoor.

Wanneer precies?

Iedere keer wanneer ik dacht dat ik de bodem had bereikt, bleek er nog een kelder onder te zitten.

Weer iets herkennen. Onderzoeken. Voelen. Anders proberen te doen.

Dat maakte me enthousiast, maar soms ook behoorlijk somber.

Er was geen overzichtelijk stappenplan waarop ik kon afvinken dat onderdeel zeven nu definitief was afgehandeld.

En ik begon te merken dat iets begrijpen nog niet betekende dat ik er in het dagelijks leven anders op reageerde.

Een inzicht kan in tien seconden komen. Je gedrag heeft die memo dan nog niet gelezen.

Klap nummer twee

Opnieuw met de auto.

Opnieuw bijna fataal.

Ditmaal zat ik tijdens het rijden te piekeren over een stukgelopen relatie.

Mijn aandacht zat ergens anders.

Het asfalt niet.

Dat was opnieuw een harde confrontatie met hoezeer mijn binnenwereld mijn dagelijks leven kon overnemen.

En dus ging ik verder met onderzoeken wat er in mij gebeurde.

Ik kon inmiddels behoorlijk goed uitleggen waarom iets mij raakte. Maar uitleggen wat je voelt en daadwerkelijk erkennen dat het je pijn doet, bleken voor mij verschillende dingen.

Ik moest ook leren opmerken wanneer ik verdriet had. Wanneer ik bang was. Wanneer ik me afgewezen voelde.

Zonder daar onmiddellijk een keurige analyse bovenop te parkeren.

God, wat kon ik daar goed in worden.

Begrijpen.

Nog een theorie erbij.

Dan hoefde ik er tenminste even niet middenin te zitten.

Niet iedereen verhuist mee

Onderweg veranderden ook mijn relaties.

Sommige werden sterker. Andere verdwenen. Soms geruisloos, soms aanzienlijk minder elegant.

Ik nam afscheid van mensen. Mensen namen afscheid van mij.

Dat kon pijn doen.

Het maakte niet automatisch de één verder ontwikkeld dan de ander. Wel werd duidelijk dat niet ieder contact op dezelfde manier kon blijven bestaan wanneer ik zelf andere keuzes begon te maken.

Sommige mensen kenden vooral de versie van mij die altijd op een bepaalde manier reageerde.

En eerlijk is eerlijk: die versie kende ik zelf ook het beste.

Veranderen klinkt aantrekkelijk.

Totdat het ook gevolgen krijgt voor wat vertrouwd was.

Het lontje werd begrijpelijker

Ergens onderweg veranderde mijn verhouding tot die boosheid.

Ik begon beter te herkennen wat eraan voorafging.

Wat mij raakte. Wanneer ik spanning opbouwde. Wat ik inslikte. Waar ik mezelf vastzette.

Dat ontsloeg me niet van verantwoordelijkheid voor mijn reacties.

Het gaf me wel meer mogelijkheden om er iets anders mee te doen.

Je kunt je hele leven proberen de rookmelder zachter te zetten. Je kunt ook eens kijken waar het brandt.

Dat werd voor mij een belangrijk verschil.

Minder vechten tegen wat ik voelde.

Beter begrijpen wat er gebeurde.

En vervolgens zelf kiezen wat ik ermee deed.

En toen ontstond Zegnooitnooit.

Uit al dat zoeken, opleidingen volgen, mediteren, wandelen, voelen, vallen en opnieuw beginnen ontstond uiteindelijk mijn eigen instituut.

Zegnooitnooit.

Iets wat ik twintig jaar eerder waarschijnlijk zelf nauwelijks had geloofd.

En ja, ik heb vertrouwen in wat ik aan het opbouwen ben.

Niet omdat een tarotreader drie kaarten heeft omgedraaid waarop abundance stond.

Niet omdat Mercurius eindelijk eens fatsoenlijk geparkeerd staat.

En ook niet omdat ik vannacht naar een gunstiger quantum timeline ben gesprongen.

Omdat ik inmiddels beter weet wat ik doe en waarom ik het doe.

Angst is daarmee niet verdwenen.

Onzekerheid evenmin.

Maar ze hoeven niet meer voortdurend te bepalen welke kant ik op ga.

Ik kan sommige dingen beïnvloeden. Andere niet.

Dat onderscheid scheelt een verbazingwekkende hoeveelheid energie.

Nog steeds Joost

Ik ben nog steeds Joost.

Nog steeds een mening. Nog steeds af en toe een lontje. Nog steeds voldoende materiaal voor mijn eigen workshops.

Alleen hoef ik er niet meer zo hard tegen te vechten.

JOOS IS BOOS?

Soit.

Blijkt achteraf gewoon een bijzonder vroege marketingcampagne te zijn geweest.

Zegnooitnooit.

Je hoeft jezelf niet opnieuw uit te vinden. Je kunt ook eens uitzoeken wie er al die tijd onder zat.